Overeenkomsten vervangen in 2016 de VAR / Beschikking Geen Loonheffing

Staatssecretaris Wiebes gaat niet verder met de Beschikking geen loonheffing.

In dit voorstel gaan de opdrachtgevers overeenkomsten ter beoordeling voorleggen aan de belastingdienst. Die overeenkomst geldt dan voor iedereen die ze inhuren.
Voordeel voor de ondernemende artiest is dat hij/zij geen VAR meer hoeft aan te vragen. De belastingdienst geeft binnen 6 weken aan de opdrachtgever aan of sprake is van een dienstbetrekking. Bij geen dienstbetrekking hoeft de opdrachtgever 5 jaar lang geen loonheffing in te houden, mits alle opdrachtnemers /  artiesten conform het contract (als ondernemers dus) werken.

De beoordeling kan eventueel wijzigen als wetgeving of jurisprudentie wijzigt.
Als niet volgens de overeenkomst gewerkt wordt, kan bij de opdrachtgever loonbelasting en premies nageheven worden (met boete). De opdrachtnemer / artiest heeft in dat geval weer recht op WW. De rechter zal in laatste instantie beslissen of sprake is van een dienstbetrekking, waarbij die bepaalde overeenkomst wordt ingetrokken.

Goedgekeurde overeenkomsten worden gepubliceerd op de site van de belastingdienst, en gelden dus voor iedereen die ingehuurd wordt middels die overeenkomst.
Ook zal de belastingdienst zelf modelovereenkomsten op haar site zetten
(niet ingediend door een specifieke opdrachtgever) zodat iedereen kan weten wat goede overeenkomsten zijn, waarbij geen sprake is van een dienstbetrekking.

Factoren die leiden tot een dienstbetrekking zijn onder andere:
– de opdrachtnemer mag zich niet of alleen met toestemming van zijn opdrachtgever laten        
  vervangen;
– de opdrachtnemer mag zich alleen laten vervangen door iemand uit een vaste groep van
  personen, die de opdrachtgever zelf ook inschakelt en die de opdrachtgever uit dien hoofde
  kent;
– er is een verplichting tot het betalen van loon;
– de opdrachtgever geeft leiding en houdt toezicht op het werk van de opdrachtnemer;
– de opdrachtgever geeft aanwijzingen aan de opdrachtnemer over bijvoorbeeld
  representativiteit,
  omgang met klanten, werktijden, kenbaarheid middels bedrijfskleding, logo’s op
  vervoermiddelen en visitekaartjes;
– de opdrachtgever neemt klachten in behandeling over (het werk van) de opdrachtnemer;
– de werkzaamheden die de opdrachtnemer verricht vormen een wezenlijk onderdeel van de
  bedrijfsvoering van de opdrachtgever;
– de opdrachtnemer mag niet voor verschillende opdrachtgevers tegelijk werken;
– de opdrachtnemer krijgt doorbetaald bij ziekte of vakantie;
– de opdrachtnemer hoeft het werk niet gratis opnieuw te doen of gratis aan te passen als het niet
  voldoet aan de overeenkomst;
– de opdrachtgever bepaalt de hoogte van de beloning voor de werkzaamheden;
– de opdrachtgever is aansprakelijk voor de schade die een opdrachtnemer veroorzaakt in de
  uitoefening van zijn werkzaamheden;
– de opdrachtnemer heeft geen beroepsaansprakelijkheidsverzekering;
– de opdrachtgever zorgt voor gereedschappen, hulpmiddelen en materialen.

Tot invoering van die nieuwe systeem blijven de VAR verklaringen 2014 geldig.

Dit bericht is geplaatst in Nieuwtjes. Bookmark de permalink.